• Optimisme als rode draad


    24 augustus 2020
    #weg

Drie bondscoaches in een vooruitblik op de Europese kampioenschappen in Plouay

Van maandag tot en met vrijdag staan in Plouay de Europese titels op de weg op het spel. Belgian Cycling is met de nodige ambities afgezakt naar Bretagne. Rik Verbrugghe, Carlo Bomans en Ludwig Willems – de bondscoaches die de renners in Frankrijk leiden – hebben er alvast een goed oog in. “We doen niet mee om de hoop te vullen.”

Op concrete voorspellingen laat Carlo Bomans zich niet vastpinnen. Omdat voorzichtigheid een tweede natuur is van de bondscoach van de heren junioren, eerst en vooral. Maar ook omdat het de sportieve leider van die jonge knapen voorlopig nog aan houvast ontbreekt.

“Ik weet dat ik over een goeie juniorenselectie kan beschikken”, klinkt het. “Maar het mangelt me aan referentiepunten. In een normaal jaar, zonder corona, had ik met die jongens kunnen aantreden in een aantal internationale topconfrontaties. Dan was ik op dit moment al een pak wijzer geweest. Natuurlijk weet ik dat ik met een aantal talentvolle jongens kan aantreden. Maar hoe die renners zich verhouden ten aanzien van de concurrentie uit het buitenland: geen idee. Tot dusver hebben we slechts één internationale wedstrijd kunnen afwerken. Dat was Kuurne-Brussel-Kuurne. Kan je nagaan hoe lang dat geleden is. Akkoord, dat gegeven blijft voor iedereen hetzelfde. Ook in andere landen is de voorbije maanden niet of nauwelijks gekoerst. Je hebt natuurlijk wel een beeld van het type renner – kwaliteiten en gebreken – dat je onder je hoede hebt. Maar hoe die jongens de lockdown hebben doorstaan, daar heb je het raden naar. Sommige renners hebben veel wedstrijden nodig om onder stoom te komen, anderen zijn meteen competitieklaar gewoon omdat ze goed en verstandig getraind hebben.”

Met Cian Uijtdebroeks heeft Bomans alweer een ‘groeidiamant’ in de rangen. De bondscoach geeft graag toe dat de knaap behoorlijk wat in zijn mars heeft, maar staat huiverachtig ten aanzien van de vergelijking met Remco Evenepoel die de laatste tijd opgeld maakt.

“Ik heb me daar flink in geërgerd, dat mag je rustig weten. Cian is Remco niet. En Remco is Eddy Merckx niet. Willen we het daarbij laten? Alleen maar focussen op Uijtdebroeks zou de rest van mijn selectie trouwens oneer aandoen. Want ook in de breedte is dit een sterk team. Waar ons dat zal brengen in de chronoproef en in de wegrit? Zo hoog mogelijk, hoop ik. Akkoord, dat klinkt vaag. Maar dit is nu eenmaal een atypisch seizoen. Ik zal er in elk geval alles aan doen om mijn jongens in te peperen dat dit EK misschien de enige internationale topconfrontatie van dit rare wielerjaar is. Want we weten op dit moment nog niet zeker of er in september wel een wereldkampioenschap zal plaatsvinden. De Duitser Marko Brenner is topfavoriet, dat kan ik je wel meegeven. Maar achter hem ligt alles open. Aan het parcours zal het alvast niet liggen. Wat we in Plouay voor de wielen krijgen is een ‘Vlaams rondje’. Natuurlijk willen we zo hoog mogelijk scoren, maar ik besef tegelijk best: dit is geen examen, dit is een ontdekkingstocht.”

Bontgekleurd gezelschap bij de vrouwen
Van hetzelfde laken een pak bij de vrouwenselectie. Ook daar wordt gekampt met een manifest gebrek aan wedstrijdritme. Al neemt dat niet weg dat ook Ludwig Willems behoorlijk optimistisch is in het vooruitzicht van het Europees kampioenschap. Vooral het feit dat hij bij de junioren kan uitpakken met een sterke selectie verheugt de bondscoach met het oog op de toekomst.

“Weet je nog? Op het WK in Innsbruck was alleen Shari Bossuyt goed genoeg om deel uit te maken van de nationale ploeg voor junioren. Dan is er gelukkig toch veel veranderd op korte tijd. Nu had ik zelfs een beetje keuzestress om de plaatsen vijf en zes te kunnen invullen. Mooi is dat. Ik heb een team dat sterk is in de breedte, dat wel. Maar dit doldwaze jaar laat die vaststelling niet toe om te voorspellen waar ons dat in de uitslag kan brengen. Er zijn er wel een aantal bekwaam om mee te spelen tot diep in de finale, maar méér kan ik voorlopig jammer genoeg niet zeggen. Dat geldt trouwens ook voor de beloften. Ook zij hebben tot dusver nog niet gek veel kunnen koersen. En in de wedstrijden die ze dan toch konden afwerken moesten ze het steevast opnemen tegen eliterensters. Dan onderga je de wedstrijd in plaats van de koers te maken. Het zal me benieuwen of en hoe ze die klik kunnen maken in een krachtmeting die specifiek voor hun categorie staat geprogrammeerd.”

De selectie bij de vrouwen telt een paar opvallende figuren. Fien Van Eynde (in Koksijde nog Belgisch kampioene tijdrijden bij de clubteams) komt uit het handbal, Julie Van De Velde heeft een verleden als veelbelovende atleet en Sara Van De Vel maakte de overstap vanuit het triatlon. Julie en Sara eindigden vorige donderdag nog respectievelijk als tweede en derde in Koksijde bij de vrouwen elite. Tel daar nog twee voltijdse veldrijders – Marthe Truyen en Sanne Cant – bij, en het wordt duidelijk dat Ludwig Willems met een bontgekleurd gezelschap aantreedt.

“De kans is reëel dat er aan tafel niet alleen over wegkoersen wordt gepraat”, klinkt het lachend. “Ook al komt een deel van mijn rensters aangewaaid uit andere disciplines, iedereen heeft haar plaats echt wel verdiend in deze selectie. Of het jammer is dat Lotte Kopecky alleen maar in de wegrit aantreedt? Natuurlijk. Ik wist al een tijdje dat ze wilde passen voor de individuele tijdrit. Maar ik rekende erop dat ze vrijdag wel zou meedoen in de mixed team relay. Maar ze moest uiteindelijk afmelden, omdat de ploeg op haar rekende voor La Course. Een beetje jammer, want vorig jaar bewees ze dat ze de drijvende kracht was in die proef. Maar treuren heeft geen zin. Wat de wegrit betreft krijgt ze van mij alvast een vrije rol.”

Omloop in Plouay schrikt eliterenners niet af
Rik Verbrugghe leidt de komende dagen eliterenners én beloften doorheen Bretagne. Ook bij hem vormt geloof in het kunnen van zijn ploeg(en) de rode draad door zijn uitspraken. “Als je in de tijdrit bij de U23 kan uitpakken met renners als Ilan Van Wilder en Florian Vermeersch moét je wel ambitieus zijn. En die vlieger gaat net zo goed op voor de selectie die in de wegrace aantreedt. En als ik hoor dat Victor Campenaerts zegt dat hij voor de derde keer Europees kampioen tijdrijden wil worden, wie ben ik dan om hem tegen te spreken? Mooi trouwens dat een tijdrittopper als Campenaerts zich ook kandidaat heeft gesteld voor de mixed team relay. Dat gegeven spoort hopelijk ook andere chronospecialisten aan om ook op die kar te springen. Als dat het geval zou zijn zouden we volgend jaar, als het wereldkampioenschap in eigen land plaatsvindt, wel eens voor een verrassing kunnen zorgen.”

Wat de wegrit bij de mannen elite betreft laat Verbrugghe de geselecteerde namen voor zichzelf spreken. “Ik ben de renners én hun merkenteams oneindig dankbaar voor hun medewerking. In deze drukke periode – in de dagen die voorafgaan aan de start van de Tour – toch tijd kunnen en willen vrijmaken om de kleuren van ons land te verdedigen op het EK, vanzelfsprekend was dat niet. Als je kijkt naar het rijtje van oud-winnaars in Plouay dan kan je merken dat de Belgische renners hier steevast goed voor de dag kwamen. Aan de aard van de omloop zal het straks dus alvast niet liggen. We mogen ambitieus en zelfbewust zijn: we gaan voor iets moois.”

Tekst: Guy Vermeiren
Foto’s: Photonews

Recent

  • #Nieuws

    Doe mee aan onze eindejaarsquiz en maak kans op een Belgian Cycling kalender!

    31 december 2020
  • #piste

    Gejaagd door de winst

    29 december 2020
    Baanrenners laten in aanloop naar Olympische Spelen niets aan het toeval over De windtunnel die in Flanders’ Bike Valley staat...
  • #Nieuws

    Zelfs al krijgt doorgedreven screening het probleem van de ‘plotse dood’ bij wielrenners (nog) niet helemaal opgelost…

    10 december 2020
    …Sporten moét Sporten is goed voor je. Zelfs als dat op een intensieve manier gebeurt. Want beweging is ruim te...
Menu