• Een regelmatige Belgische ploeg op het EK in Plouay


    03 september 2020
    #weg

België trok zich uitstekend uit de slag op de Europese Kampioenschappen op de Weg in Plouay. Het Belgian Cycling Team hield aan vier dagen fietsen vijf medailles – één zilveren en vier bronzen – over. En zeggen dat het nog nét iets beter had gekund. “We misten de gouden medaille op een zucht, met Arnaud De Lie bij de junioren”, laat Frederik Broché weten. Ook verheugend voor de technisch directeur van de federatie, het feit dat ons land er in elke categorie (de tijdrit bij de dames elite uitgezonderd) in slaagde minimaal één renner bij de beste tien in de uitslag te plaatsen. “Dat wijst op regelmaat, de hele week door. Op een pittig parcours, bovendien. Al had ik het vooraf, eerlijk gezegd, nog een beetje lastiger verwacht. Er moesten behoorlijk wat klimkilometers overwonnen worden, maar tegelijk waren de bergjes niet lang of steil genoeg om het verschil te kunnen maken. En de vlakke stroken die volgden maakten het voor eerder geloste renners makkelijk om terug te keren. Dat is de reden waarom de meerderheid van de wedstrijden uitdraaiden op een sprint.”

Twee medailles op de openingsdag

De beste tijdrijders uit alle categorieën gingen aan de slag op maandag. De slotbalans oogde na die eerste wedstrijddag positief, met twee bronzen medailles. Eentje voor Ilan Van Wilder bij de beloften, eentje voor Victor Campenaerts bij de eliterenners. “De voorbereiding van Campenaerts verliep niet optimaal, na die recente zware crash in Tsjechië. Dan kan je niet anders dan spreken over een goeie prestatie, als je dan toch nog het podium haalt. Dat Victor ontgoocheld was aan de finish is begrijpelijk als je al twee keer eerder Europees kampioen tijdrijden werd, maar eerlijk is eerlijk: Stefan Kung en Rémi Cavagna waren beter.” De talentvolle Cian Uijtdebroeks finishte als negende bij de junioren.

 

Bij de meisjes bevestigden Julie De Wilde en Shari Bossuyt de progressie die ze als atleet maken. De Wilde liet de zevende tijd noteren bij de junioren, Bossuyt finishte als vijfde bij de beloften. Een verheugende vaststelling voor bondscoach Ludwig Willems. “Julie eindigde vorig jaar in dezelfde proef nog als veertiende, dus het gaat goed vooruit.”

De tijdritproef bij de dames elite draaide dan weer uit op een ontgoocheling. Ludwig Willems: “Het was niet goed. Julie Van De Velde en Sara Van De Vel reden op hun niveau. En dat bleek niet goed genoeg om een plek bij de beste tien te verzekeren.” Frederik Broché was het eens met zijn bondscoach. “Ook ik ben teleurgesteld. Ik verwachtte meer van Julie Van De Velde. Zij was duidelijk niet in topvorm. Op een parcours dat bovendien niet lastig genoeg voor haar was. Ik verwachtte van haar een plek in de eerste helft van het klassement. Wat Van De Vel betreft: zij heeft nu ontdekt dat een tijdrit op de weg niet vergelijkbaar is met triatlon.” De conclusie? Voor de vrouwen wacht er nog een boel werk om in de buurt van het niveau dat hun mannelijke collega’s halen te kunnen komen. Maar beterschap lijkt op komst. “We hebben een goeie generatie bij de junioren. En als je merkt dat Shari Bossuyt als belofte sneller reed dan beide dames bij de elite, dat zou ook een wissel op de toekomst kunnen zijn. Lotte Kopecky steekt er momenteel als tijdrijder nog bovenuit. Maar ik vergeet niet dat we nog Ann-Sofie Duyck hebben. Ik hoop dat ze weer op haar beste niveau komt, dan wordt dat opnieuw ook een aanwinst.”

Mannen elite koersen in ploegverband

Het EK werd op dinsdag onderbroken voor de WorldTourwedstrijd Bretagne Classic. Daags nadien werd de draad opgepikt met de wegrit voor vrouwen beloften. Opnieuw was Shari Bossuyt, zevende, de beste Belgische. Na een kampioenschap dat uitdraaide op een spurt. “Ze zat een beetje geprangd tussen een aantal concurrentes”, legt Ludwig Willems uit. “Gebeurt dat niet, dan scoort ze nog beter.”

De eliterenners maakten er een gecontroleerde wedstrijd van. Italië en Frankrijk hielden het slot de hele tijd door stevig op de deur. Een massaspurt was het logische gevolg. Jasper Stuyven kwam als vijfde over de finish. Voor bondscoach Sven Vanthourenhout zat er niet veel méér in. “In de stukken bergop blies de wind pal op de neus. En Arnaud Démare en Giacomo Nizzolo – de mannen in vorm – werden uitstekend bijgestaan door twee sterke blokken. Geen wonder dat ze uiteindelijk respectievelijk zilver en goud pakten. Oliver Naesen leidde de sprint voor Jasper Stuyven goed in, maar uiteindelijk moet je ook rekenen op een beetje geluk om in aanmerking te kunnen komen voor een medaille. Toch petje af voor de collectieve prestatie van de jongens.”

Donderdag: zevende plek als rode draad

Op de voorlaatste dag gingen de heren beloften en de dames elite van start. Twee keer was een zevende plaats – Jordi Meeus en Lotte Kopecky – het beste resultaat. “Op een bepaald moment rijdt er een vlucht van 18 renners weg”, vertelt bondscoach Sven Vanthourenhout. “Als Belg hadden we alleen maar Stan Van Tricht mee. Jammer, want Jens Reynders of Florian Vermeersch hadden daar altijd moeten bij zijn. De hele tijd door zaten we te hopen dat de tot drie renners uitgedunde vluchtersgroep op het einde nog zou ingelopen worden, maar dat gebeurde net niet. Florian Vermeersch bracht Jordi Meeus nog in stelling, maar op dat moment stonden jammer genoeg alleen nog maar ereplaatsen op het spel. Toch ben ik uiteindelijk tevreden over de manier waarop het team in blok gekoerst heeft.” Ludwig Willems keek goedkeurend naar de prestatie van Lotte Kopecky. “Tot zoiets was ze twee jaar geleden niet in staat. Niet op dit uitdagende parcours, alleszins. Echt, ze heeft het heel goed gedaan.”

Op een paar centimeter van goud

De slotdag van het EK werd er eentje die in het teken stond van vreugde en verdriet. In de wegrit voor dames junioren kaapten onze meisjes warempel plaatsen twee en drie mee. Marith Vanhove won zilver, Katrijn De Clercq pakte brons. Resultaten die Frederik Broché niet verrasten. “Het potentieel waaruit we kunnen putten bij de jongere meisjes is klein, maar er is kwaliteit aanwezig. Marith en Katrijn komen van de piste, en ze maken een mooie vooruitgang op de weg. Onderweg werd al snel duidelijk dat ze de opeenvolging van de hellingen goed verteerden. Vergeet trouwens niet dat Marith maar een eerstejaars juniore is, net zoals Fien Masure trouwens. Zij kwam onderweg ten val, vocht terug en maakte er nog een mooie wedstrijd van.”

Arnaud De Lie kwam het dichtst bij de gouden medaille. De speaker kondigde hem aanvankelijk als winnaar aan, maar uiteindelijk moest De Lie – na raadpleging van de fotofinish – vrede nemen met brons. Broché: “Een uitslag die bevestigt wat we al eerder wisten: er zit een talentvolle generatie aan te komen bij de junioren. Bij de meisjes is dat ook het geval, maar bij hun mannelijke collega’s is de oogst kwantitatief groter qua getal. Doodjammer dat je de Europese trui met een paar centimeters mist.”

Werk op de plank bij mixed team relay

De slotakkoorden van dit EK waren in mineur. Pech doorkruiste de plannen van de Belgische selectie in de mixed team relay. Het mannentrio – Victor Campenaerts, Jasper De Plus en Rune Herregodts – werkte hun wedstrijd onder een rampzalig gesternte af. Jasper De Plus had al snel moeite om zijn twee ploegmaats te volgen, en Rune Herregodts kwam zwaar ten val toen hij Campenaerts’ tempo probeerde te volgen. Dus moest Victor opnieuw wachten tot Jasper kwam aansluiten. Het meisjestrio – Shari Bossuyt, Sara Van De Vel en Julie De Wilde – deed hun best om de schade te beperken. Maar uiteindelijk kwam België met de vijfde plaats in het klassement te staan. Een aandachtspunt met het oog op het volgende WK, een evenement dat zich in 2021 in België afspeelt. Frederik Broché: “De groep was niet homogeen genoeg. Er was te veel niveauverschil tussen de renners onderling. Maar het was tegelijk niet simpel een ploeg samen te stellen, omdat deze wedstrijd vlak voor de start van de Tour en La Course stond geprogrammeerd. Al bij al is het misschien niet eens zo slecht dat dit onheil ons nu overkomt. Volgend jaar, als het WK in België wordt afgewerkt, proberen we een groep samen te stellen die kan mikken op een medaille. Bij de mannen hebben we kwaliteit genoeg om een Dream Team op te stellen. Het is nu aan ons om ook bij de vrouwen een competitieve ploeg op de been te brengen. We gaan ook daar op zoek naar de beste elementen. Want het is de bedoeling dat zij de schade zoveel mogelijk beperken.”

Foto’s : Photonews
Tekst: James Odvart

Recent

  • #weg

    Een open Belgisch Kampioenschap in Lokeren

    16 oktober 2020
    Deze zaterdag rijden de Elite 2 en U23 één van de belangrijkste wedstrijden van het seizoen: het Belgisch Kampioenschap in...
  • #veldrijden

    Crossen kan veilig en gezond

    24 september 2020
    Het veldritseizoen gaat van start met een apart COVID-protocol voor renners en toeschouwers.  Niks is nog wat het geweest is...
  • #Nieuws

    Jeugd rijdt niet in ploegverband

    18 september 2020
    Bondscoaches Ludwig Willems en Carlo Bomans kijken uit naar BK in Koksijde Na het Belgisch kampioenschap tijdrijden voor elite van...
Menu