• Een blik achter de schermen in het hotel van Belgian Cycling


    26 september 2019
    #weg

“WK is logistieke krachttoer”

Een renner maakt deel uit van een ploeg. Een gróte ploeg, op een wereldkampioenschap. Want er zijn niet alleen de collega’s van een atleet, achter de sportlui staat een geöliede machine die als enig doel heeft de renners in optimale omstandigheden aan de start van de wedstrijd te brengen.

Op de parking van het Mercure Fairfield Hotel in York staat een batterij aan voertuigen. Kleine busjes, lichte vrachtwagens, auto’s, twee scooters, een camper en een heuse autobus. Wie het hotel binnenkomt loopt naar een grote zaal die als ‘service course’ fungeert. Een plek waar het wemelt van fietsen en materiaal van mecaniciens. Achteraan staan dozen met kledij opgestapeld, outfits voor de renners en de staff van Belgian Cycling. Wie tussendoor honger en dorst heeft kan in dezelfde ruimte terecht voor water, frisdrank en broodjes. Renners bevoorraden zich hier met energiedrank, -repen en gelletjes van 3Action.

Georganiseerde chaos waarin maar één man feilloos zijn weg vindt. Chris De Vos is hoofdverzorger van Belgian Cycling en heeft een perfect overzicht van wat zich waar bevindt. Het wereldkampioenschap is voor hem de bekroning van een aanloop van een paar weken. “Ik begon begin in juli met de voorbereiding van deze campagne”, zegt de man die in Yorkshire voor de vierde keer het ‘goederenverkeer’ voor Belgian Cycling regelt op een wereldkampioenschap. “Eerst en vooral neem je contact met de renners. Dan bestel je de gepaste kledij en maak je individuele fiches. Want iedereen moet krijgen waar hij of zij recht op heeft, in de gepaste maten. Dat werk knap ik op in samenspraak met Kris Van Steen. Nathalie Clauwaert brengt vooraf een plaatsbezoek. Samen met Nele Bras gaat zij ruim op tijd op zoek naar een hotel dat een uitgebreide delegatie op de best mogelijke manier kan ontvangen. En nadien regelen zij het transport voor renners en staff. Trein, boot, vliegtuig: onze staff is op diverse manieren tot hier geraakt.”

Verdeling kamers
Chris De Vos is het eerste stafflid van Belgian Cycling dat aankomt in het hotel. Onder meer om uit te vissen of de afspraken die telefonisch en via mail zijn gedaan met het management van het hotel ook in de praktijk worden omgezet. “Zijn de zalen en de kamers die we vooraf hebben gereserveerd ook effectief beschikbaar? En is er ruimte genoeg voor het wagenpark? Heeft de kok die we meebrengen plaats genoeg om zijn ding te kunnen doen? Dat zijn de eerste dingen die je nakijkt.”

Ook de verdeling van de kamers neemt De Vos voor zijn rekening. Dat gebeurt heus niet lukraak. “Na overleg met de bondscoaches van de verschillende teams maak ik een indeling op.  Zo proberen we te vermijden dat renners van dezelfde merkenploeg die al een heel jaar met mekaar op de kamer liggen ook op een wereldkampioenschap aan mekaar worden gekoppeld. Dat heeft te maken met het creëren van een groepssfeer. Vergeet niet dat een nationale ploeg wordt samengesteld door renners die in principe een heel jaar tégen mekaar koersen. Je vormt geen team door ‘eilandjes’ te gaan creëren.”

Liefst 33 renners droegen of dragen tijdens het wereldkampioenschap in Yorkshire de kleuren van Belgian Cycling. De staff van de nationale ploeg bestaat uit 28 personen. Tijdens zo’n WK is het hotel vaak een duiventil. Elke avond opnieuw worden tijdens een vergadering de puzzelstukken voor de dag nadien keurig in mekaar geschoven. Elke bondscoach brengt zijn deel van de agenda aan. Wanneer de renners opstaan, wanneer er getraind of gekoerst wordt, wanneer de maaltijden zijn voorzien, hoeveel wagens er nodig zijn als begeleiding voor een bepaalde verplaatsing. Een behoorlijk taaie klus. Want Belgian Cycling treedt aan met teams bij de junioren (dames en heren), beloften (heren) en elite (dames en heren). Op de weg én in het tijdrijden. Dat maakt dat je rekening moet houden met de specifieke wensen van vijf teams tegelijk.

Puzzelstukken passen
Die dagelijkse meeting vindt plaats in de ‘service course’, de plek waar elk lid van de delegatie op gezette tijdstippen opduikt. Letterlijk tussen de fietsen en de kartonnen dozen. Chris De Vos noemt een paar cijfers: “We hebben een duizendtal drinkbussen meegebracht, een zeshonderdtal energierepen en ongeveer 800 gelletjes. Verse dingen zoals brood, beleg, groenten en fruit worden natuurlijk in de buurt van ons hotel in York gekocht.”

Dinsdag, woensdag en donderdag zijn de drukste dagen in het hotel. Met tijdrijders en wegrenners samen wordt de plek een bijenkorf. “Het begint rustig, met kleine delegaties tijdrijders. Dan heb je een piek in het midden van de week, en dan bouwt de bezetting weer af als de jeugdploegen die op de weg hebben gereden terug vertrekken. Dat is het moment waarop je eindelijk weer wat kan ademhalen in de ‘service course’. Maar dan komt er weer een heel andere spanning voor in de plaats. Die opbouw naar die laatste zondag, het moment waarop de mannen elite hun wereldkampioenschap afwerken, dat is zó speciaal… Ik heb 22 WK’s achter de rug in dienst van de Amerikaanse wielerbond, en nu werk ik al een tijdje voor Belgian Cycling, maar elke keer is er opnieuw die spanning in de aanloop naar dé dag. Dat is met niks anders te vergelijken. En ik geniet er elke keer opnieuw van.”

Tekst: Guy Vermeiren
Foto’s: Face Peeters

Recent

  • #Nieuws

    "Niemand heeft excuses"

    04 augustus 2020
    Bondscoach Filip Meirhaeghe verwacht veel van zijn renners in eerste internationale competitie Eindelijk wordt er weer gekoerst. Ook bij de...
  • #weg

    Waakzaamheid, meer dan ooit

    24 juli 2020
    Voorzichtigheid en discipline zijn de ordewoorden als we willen blijven koersen Het coronavirus blijft onze maatschappij in een houdgreep houden....
  • #weg

    Veiligheid primeert

    06 juli 2020
    Belgian Cycling kijkt uit naar stages en koersen met nationale ploegen  De laatste renners die het shirt van Belgian Cycling...
Menu